Eerst hoorde ik het in de
avond, om een uur of tien. En daarna om zeven uur 's ochtends, toen het nog donker
was. Een korte klagende 'oe'. Dat kon alleen maar een ransuil zijn,
determineerde ik aan de hand van alle uilgeluiden op internet.
In het vroege voorjaar,
omstreeks half februari, bakent het mannetje zijn territorium af en roept hij
zo het vrouwtje. Je kunt er de kalender op gelijk zetten. Overdag zie je hem
bijna niet.
Nesten bouwen doet hij
niet zelf. Oude onderkomens van eksters, kraaien en roofvogels zijn goed
genoeg. Een luie hergebruiker. Niks mis mee.
19 feb 2015 – 1429
Geen opmerkingen:
Een reactie posten