Posts tonen met het label Limburg. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Limburg. Alle posts tonen

Water

Bizarre beelden uit Limburg. Rivieren die Valkenburg overspoelen, Luik waar bewoners massaal geëvacueerd worden. Uit de jeugdjaren dat ik er woonde en waaraan ik bewust herinneringen heb, van 1958 tot 1968, schiet mij geen moment te binnen dat het zo lang en veel regende.

Langs de Geul kon het in de herfst en winter weleens spoken. En ook de Maas liet zich in barre tijden soms van haar onstuimige kant zien. In twee dagen tijd wordt de geschiedenis hier herschreven.

Tekenen van onomkeerbare klimaatveranderingen zijn er te over. Bereiken die tijdingen ook de torentjes waar men hoog en droog zit?

 

15 juli 2021 – 3432

Drei keuninge

In mijn Maastrichtse jeugdjaren kwam op 11 november Sint Maarten nooit voorbij. In plaats daarvan vierden we Driekoningen. Met een kaarsje in een lampionnetje of uitgeholde suikerbiet gingen we op 6 januari langs de deuren.
Er was maar één liedje voorhanden, en dat ging in het Mestreechs.

Drei keuninge, drei keuninge,
geef mich 'ne nuien hoed
mienen awwe is verslete
miene vaajer maag 't neet wete
miene moojer heet gei geld
drei keuninge in 't veld.

Van snoep was in deze jaren zestig zeker geen sprake. Hooguit kregen we een mandarijn, maar het liefst beurden we een stuiver of dubbeltje.


7 jan 2020 – 3075

Bronsdor

'Daar is mijn vaderland, Limburgs dierbaar oord!' (2x) 
Het refrein van het Limburgs volkslied is ook op mij van toepassing. De eerste twaalf jaar van mijn leven bracht ik met veel plezier door in Zuid-Limburg. Ook na de verhuizing met één ouder naar een dorp onder de rook van mijn geboortestad Amsterdam behield Limburg een plek in m'n hart.
Die plek komt in gevaar nu ik hoor dat voor het provinciebestuur een knetterrechtse coalitie in de maak is van VVD-CDA-PVV-FvD. En merkwaardig genoeg ook nog met gedoogsteun van de Partij voor de Dieren!
Het bronsgroen eikenhout gaat dorre tijden tegemoet.


29 mei 2019 – 2915

Limburgs

Het Limburgs is officieel erkend als streektaal. Het houdt in dat de overheid zich inzet voor het behoud en de promotie ervan. Net als voor het Nedersaksisch, dat gesproken wordt in Drenthe, Friesland, Gelderland, Groningen en Overijssel. Een streektaal is nog geen officiële taal zoals het Fries. Dat heeft een eigen grammatica, woordenboek en leerstoel.
In mijn Maastrichtse jaren was ik als enige in het gezin het Mestreechs machtig. Dat is een heel andere taal dan bijvoorbeeld het Kirchröadsj (Kerkrade) of Venloos. Iedere Limburger buiten Maastricht werd bovendien een 'boer' genoemd.
Dé Limburger bestaat dus niet. Evenmin als hét Limburgs.


17 mrt 2019 – 2842

Levensverhalen (45)

Zondag, mooi weer. In mijn Maastrichtse jaren betekende dat wandelen. Door een van de vele bossen die Zuid-Limburg rijk was en nog steeds is. Het Onderste-Bovenste bos bij Epen, het Vijlenerbos, het Savelsbos (door mij steevast Savondsbos genoemd) en het Bunderbos.
Dat laatste was mijn favoriete bos, want je had er lianen waarmee je kon slingeren. En riviertjes met zanderige oevers waar je prachtig dammetjes in kon bouwen.
Op weg in de auto zongen we canons – over de wielewaal en Vader Jacob – waarbij mijn vader meefloot. Hij vond dat hij niet kon zingen. Onderwijl sabbelden we op de eerste mentos.


24 feb 2019 – 2821

Weerzien

K. was een van mijn beste vriendjes op de lagere school in Maastricht. Hij ging daarna naar de Handelsschool - later MEAO en tegenwoordig MBO –  ik naar het lyceum. We verloren elkaar meteen uit het oog. Je kwam in een nieuwe klas en je maakte nieuwe vrienden.
Gisteren zagen we elkaar voor het eerst na ruim vijftig jaar, in Maastricht uiteraard. Hij maakte na wat omzwervingen werk van zijn hobby en werd een succesvol architectuur- en landschapfotograaf.
In een middag namen we onze beide levens door. En spraken we af niet weer vijftig jaar te wachten met een volgend weerzien.


3 feb 2019 – 2800

Levensverhalen (40)

In 1965 werden de klassen op de Rijksleerschool uitgebreid met een grote groep Ambonezen. Zo werden ze getypeerd; nu zouden ze Molukkers heten. Ze woonden in een eigen wijk in Heer, aan de overkant van de Maas. Elke dag waren ze lopend een uur onderweg naar school.
In mijn klas zaten er een stuk of tien. Ze hadden opvallende namen. Juliana, Josina, Otto, Domingus, Noes en Jozef. De jongens konden goed voetballen. Als tenger klein opdondertje dat toen nog onhandig was met de bal, keek ik vooral toe.
Wat mij het meest aan hen opviel was de aparte, sterke lichaamsgeur.


18 sept 2018 – 2680