Seizoenvast

Van de lerfst schieten we opeens de lomer in. Waar is de tintelfrisse, zoetzachte, groeizame lente nou weer? Binnen enkele dagen twintig graden erbij, wat je lekker noemt. Opeens moet ik weer hard nadenken over wat ik moet aantrekken en vooral moet laten liggen of hangen. T-shirtjes, korte broeken, slippers: ze liggen allemaal nog diep in de kast, bij te komen van de winterslaap.
Op de dijk loopt een man met een licht colbertje en een sjaaltje erboven. Bijna altijd als ik hem zie, loopt of fietst hij in hetzelfde colbertje. Een seizoenvast jasje brengt de geklede mens innerlijke rust.


7 mei 2016 – 1856

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen